dinsdag 12 juni 2012

Alpe d’HuZes, the day after en weer naar huis.


Eindelijk is de dag dan toch gekomen. Een jaar voorbereidingen en op 7 juni, zou om 2 uur de wekker gaan. Wat is dat toch altijd raar, dat wanneer je de wekker zet, je al voor die tijd wakker wordt. Precies om 1.45 uur. John en ik gaan er uit. René wordt ook wakker en schuift meteen zijn bedbank in elkaar. Alles voor het ontbijt weer klaar zetten. Ik krijg er helemaal niets in. Maar de anderen proberen toch nog wat naar binnen te werken. Pannenkoeken, die René de avond er voor gebakken heeft, brood en pap. Ik heb mijn hardloopkleren al aan en probeer nog even mijn lampje uit. Dus ik loop naar buiten en hoor stemmen. Jack en Antoon zijn er al. Dus ik loop even naar ze toe en zij lopen mee naar binnen. Ze krijgen een bakkie koffie, om even wakker te worden en na te genieten van hun ritje van Alpe d’Huez naar Villard-Reculas. Het duurt niet lang of we hebben alles bij elkaar gezocht en we zijn op weg.

Ik ben nu al zenuwachtig. Ik zit in de bus bij René, John en Jack, de anderen in de bus van Bernard. Bij de grote rotonde naar de Casino toe gaan we er uit. Alle fietsen uitladen, nog even de joggingbroek uit. Marije schiet nog een paar mooie plaatjes. Erwin komt er ook aan gefietst, we zijn compleet. Het is nog heel erg rustig. Vorig jaar stond er op deze plek al een motard, maar nu is er nog heel weinig verkeer. Nog even een groepsfoto en de mannen gaan op pad. John nog even een dikke kus, iedereen een knuffel, ook voor Marije, want ik vergeet dat zij er bij de volgende stop niet uit gaat.

We rijden naar de rotonde waar de start plaats vindt. Ik stap uit en loop naar de grote tent. Het is nog heel erg rustig en ik draal dan ook een beetje zenuwachtig heen en weer. Pff, dit is eigenlijk niets voor mij, maar ik ben er, dus zal er het beste van moeten maken. Ik zie geen bekenden en ga uiteindelijk maar even zitten bij een tafeltje met een paar stoelen. Het zijn aluminium stoelen, dus koud, zal ik wat drinken of niet. Nee dus. Een tafeltje naast me komen 3 dames zitten. Twee gaan er gelijk naar het toilet. Ik moet eigenlijk ook nog even voor de start, maar wacht nog even. Zodra de andere twee dames terug zijn loop ik met de overgebleven dame op. Samen lopen we naar de dixi’s aan de overkant van de weg. Het is nu toch al druk geworden. Een hele sliert fietsers komt er van de berg af. Er arriveren wat meer lopers en ook een aantal die naar het toilet moeten. Het is aardedonker en ik ben blij dat ik mijn lichtje mee heb, kan ik tenminste nog iets zien, niet dat je in een dixi veel wilt zien hoor, maar toch. In de eerste is geen toiletpapier, dus de volgende maar. En ja hoor, toiletpapier. Snel even doen waar ik voor kom en ik loop weer terug naar de grote tent. Mijn stoel bij het tafeltje is nog leeg en ik ga weer even zitten. Ondertussen zie ik Armand binnen komen en hij roept naar me: “Hé Heidi”. Ik zwaai en glimlach. Hij gaat ook niet bij de grote groep zitten, maar aan een tafeltje achter me, samen met nog wat andere lopers. Ik probeer me een beetje af te sluiten voor alles wat er gebeurt, maar dat valt niet mee. Er komt een man aan mijn tafeltje zitten, die begint over alles wat er niet goed gegaan is met het regelen van de kleding voor Alpe d’HuZes, hier heb ik helemaal geen zin in. Maar ik luister toch, geef af en toe antwoord en gelukkig is het tijd om naar de start te gaan. Armand loopt achter mij langs en geeft me een tikje op mijn schouder, tijd om op te staan. Ik sta op, de man aan mijn tafeltje achterlatend. Ik loop heel rustig naar de start, Armand doet nog even een woordje en daarna Barbara van het K.W.F. Dan klinkt het startschot en zijn we weg, nog voordat de fietsers gestart zijn. Die starten wat verderop in het dorp, dus die moeten nog even een stukje fietsen, voordat ze er zijn. Ik loop heel rustig met de stroom mee, het is nu al warm. We worden al hard aangemoedigd door de mensen langs de kant. Geweldig dat deze mensen nu al klaar staan om ons aan te moedigen. Heel rustig proberen te ademen, rustig lopen en zoveel mogelijk genieten. Het is wel een prachtig gezicht hoor, al die lopers, met hun lichtjes aan de voor- en achterkant. Ik loop al een tijdje achter twee dames. Die hebben een beetje hetzelfde tempo, dat loopt dus lekker. Het begin is altijd wel heftig. Zo steil en je moet zo goed om je ademhaling en hartslag denken. Maar het gaat goed en in het donker lijkt de berg net wat kleiner. Na 32 minuten ben ik in La Garde, het steilste stuk is nu voorbij. Het is hier heerlijk druk, dat geeft ook weer een beetje verlichting. Terwijl ik loop komen de mannen allemaal één voor één voor bij. Eerst Erwin, dan John die even aan de binnenkant fietst en mee een handje geeft. Daarna Bernard die even mijn naam roept, dan René en als laatste Roel. Leuk om ze allemaal even gezien te hebben. Ik krijg een boel complimentjes van de fietsers, mooi tempo, wat loop je goed. Heerlijk om dat te horen. De dames ben ik ondertussen al een tijdje kwijt. Toch wat sneller gaan lopen, zo’n 5,5 k/u. Dat loopt net iets lekkerder. Ik heb de hele week al een beetje last van mijn scheenbeen en dat wordt iets erger naarmate ik verder loop, maar geen aandacht aan schenken, gewoon wegdenken! Verder lopend wordt het heel langzaam licht. Dat is wel heel fijn hoor. Mijn lampje van mijn hoofd af en in mijn jaszak. Het is nog steeds warm, maar het is wel al weer frisser dan beneden. Af en toe komt er een man naast me lopen, hij loopt met een maatje, maar die kan het niet zo goed volhouden. Dus hij wacht steeds op hem in een bocht. Ik kom hem dus een aantal keren tegen en één keer met zijn loopmaatje. Samen lopen we tot bocht 1 en naar het dorp Alpe d’Huez toe raak ik hem weer kwijt. Hè hè, ik ben er weer bijna. Nou ja bijna, nog tot bocht 0 en daar nog verder naar de finish. Overal staan mensen en ze geven me een high five en moedigen me aan. Lekker hoor. Ondertussen kan ik bijna mijn enkel niet meer bewegen, dus dat is wat minder, maar het is nu nog maar zo’n klein stukje. Onder het tunneltje door richting bocht 0 is het wel heel erg rustig gewoon doorlopen en dan eindelijk zie ik het appartement, waar vorig jaar Lars Roos in verbleef. Daarna ben ik bij bocht 0 en stijgt het nog een beetje tot de rotonde. Er is een heleboel muziek en ik loop door tot de afslag naar de officiële finish van de Tour. Als ik verder loop hoor ik de aanmoedigingen van de familie. Aan de linkerkant van de weg staan ze allemaal. Ze zwaaien en Marije maakt foto’s leuk J. Ik loop verder naar de finish. Daar staat Betty iedereen binnen te praten. En ook mij natuurlijk. Ik geef haar een dikke knuffel en loop verder. Eerst even langs de dokter. Daar is het heel erg rustig en een mevrouw helpt me en roept even naar buiten om een dokter te halen. Er komen er meteen twee aanlopen. Een man en een vrouw. Met z’n drieën even naar een kamertje. Schoenen uit en op een bed plaatsnemen. Ik leg uit waar ik last van heb en de diagnose is snel gesteld. Een irritatie van de voorste scheenbeenspier. Nog een keer de berg oplopen is uitgesloten, om erger te voorkomen. Ik krijg een pil, diclofenac en krijg er nog eentje mee voor vanavond. De vrouwelijke dokter sprayt coolingspray op mijn scheenbeen ter verlichting. Ik moet in ieder geval de eerste tijd even met mijn been omhoog blijven zitten, daarna rustig aan. Balen dus, maar ik had al zo’n gevoel. Toen ik mijn enkel niet meer kon bewegen, door de pijn, wist ik dat het niet helemaal goed meer zat J. Maar ja toch één keer omhoog gelopen in 2 uur 32 minuten. Ik loop naar de familie, meteen even het slechte nieuws brengen en ik kan het nog even droog houden. Ik krijg allemaal knuffels en ze zijn evengoed hartstikke trots. Ik kleed me even om. En ga even in de bus liggen, onder het dekbed, om het niet koud te krijgen. Erwin komt binnen en geeft me een dikke knuffel en dan John. Dan houd ik het natuurlijk niet meer droog. Dikke tranen rollen over mijn wangen. Zo had ik het niet gepland. Beide mannen troosten me. Ze weten hoe het voelt. Maar dat maakt het niet minder k… Maar ik moet me er overheen zetten. Dat gaat lukken hoor. Even helpen met de mannen verzorgen, wat eten. Water halen bij Hellen in de hotelkamer. Zo blijven we bezig. De mannen komen één voor één binnen en we hebben naast ons een hele leuke band spelen, Silly-Putty. Goede muziek en de fietsers en lopers blijven maar voorbij komen. Heerlijk. Het is nog steeds niet erg warm, dus gewoon nog een jasje aan en een lange broek. Het is een geweldige dag. Heerlijk dat Jack, Hellen, Corinne, Antoon, Marloes en Marije er bij zijn. Af en toe komen Ayesha, Amy en Merel ook nog even kijken, samen met de pa en ma van Erwin. Eén grote familie, geweldig. En genieten. De teleurstelling van eerder vanmorgen al weer een beetje vergeten. De mannen komen voor de derde keer binnen. John wisselt van fiets en gaat voor de 3e keer naar beneden. Zo rouleert het de hele tijd. De één komt binnen de ander gaat. Tussendoor eten en drinken we wat. John sms’t me dat hij Lies bij het begin van de beklimming een “Hermannetje” gegeven heeft, Lies is begonnen aan haar “dag”. Fietsen van bocht naar bocht en genieten van het hele evenement met volle teugen. Dat heeft ze verdiend. Met haar vleugels op alles achter haar laten, wat ze de afgelopen tijd heeft meegemaakt. John komt voor de 4e keer binnen en gaat in de auto zitten. Over en uit, het is klaar. Erwin geeft hem een stevige knuffel. Ik ben beretrots op hem. Hij is zo’n ongelooflijke kanjer. Ik hoopte dat hij dit keer de 6 zou halen, maar eigenlijk is dat helemaal niet belangrijk. Het doel zoveel mogelijk geld ophalen en Lies naar boven te krijgen is bereikt, dat is het allerbelangrijkste. John even verzorgen, droge kleding aan, wat te eten en drinken geven en hem even met rust laten. We staan weer bij het dranghek voor de auto’s, moedigen de fietsers, lopers, wheelers en handbikers aan. Wat een helden allemaal. We wachten nog op Liesbeth, ze is onderweg, maar waar precies blijft steeds een beetje raden. Bernard en René zijn ondertussen onderweg voor de 6e beklimming. Terwijl we zitten te wachten tot iedereen binnenkomt, komt Maarten Peeters ook binnen. Hij staat bij de band naast ons, samen met Margriet Eshuijs. En je gelooft het niet, maar ze zingen ook nog de twee Alpe d’HuZes liedjes. Bijna een privé concert, wat prachtig. John, Marije, Roel en ik genieten er dan ook volop van, dit zijn de pareltjes, die zo’n dag zo bijzonder maken. Samen met Rempt en Caroline Bos zingen we uit volle borst mee. Geweldig en prachtig. Tranen over onze wangen. Na de liedjes gaan we weer terug naar onze stek en wachten op de binnenkomst van Lies en Bernard. René is ondertussen gearriveerd. Onze familie staat bij het tunneltje en sms’t zodra Lies en Bernard er zijn en ja hoor, daar zijn ze. Wij zijn ondertussen omgekleed in ons HaDeOo tenue en gezamenlijk rijden we naar de finish. Wat een mensen en wat een geweldige sfeer. We horen iedereen juichen en roepen. We schijnen zelfs op tv te zijn geweest, want we krijgen heel veel reacties, dat mensen ons gezien hebben. Geweldig hè, vooral voor Liesbeth. Zij geeft Betty nog een knuffel en dat is een prachtige afsluiting van deze dag. Na de finish is onze familie weer compleet. Knuffels van iedereen en John komt zijn nichtje, Mici en haar man Sven nog tegen. Zien we ze toch nog even op de valreep. Leuk! Mici is met Alpe d’HuZus een keer naar boven gelopen en Sven vandaag 1x omhoog gefietst. Knap hoor. Wat een geweldige prestaties weer van iedereen. Na dit alles gaan we weer naar de auto’s, nemen afscheid van Erwin, Ayesha, Amy, Merel en de vader en moeder van Erwin. Ook Hellen, Corinne, Antoon en Marloes een dikke knuffel, zo lief dat ze er waren. Jack rijdt nog even met ons mee om zijn auto op te halen. Alle fietsen in de bussen en we gaan op pad. Er stond dat we pas om 9 uur naar beneden mogen, maar we proberen het gewoon en zonder problemen. Na bocht 6 naar Villard-Reculas en Jack is verbaasd dat het zo’n smal weggetje is dat hij vanmorgen gereden heeft. Terug gaat hij van Villard naar Allemont, via Bourg de Alpe weer op J. Wij zijn weer heerlijk thuis. Wij hebben alle was verzameld, doe ik morgen wel in de machine. Tenslotte hoeven we nog niet meteen naar huis. Wel meteen even de oven aan en de nasi er in zetten. Nog even wat eieren bakken en satésaus maken en we kunnen aan tafel. Als iedereen onder de douche geweest is gaan we aan tafel. We proosten met champagne op een geweldige dag en een meer dan geweldige opbrengst tot nu toe, € 28.500.000,= ongelooflijk!!! En dat is nog niet alles, want de toezeggingen zitten daar nog niet bij. Dus er kan zomaar nog 3 mio bij komen. Na het eten nog even kletsen, maar daarna gaan we al snel naar bed. Lekker slapen!

Vrijdagmorgen gaan John en René weer brood halen bij de bakker in Allemont en zetten we het ontbijt klaar. We eten weer gezellig met zijn allen en gaan straks eerst even naar Bourg om daar koffie te drinken en een taartje te eten. Dat hebben we nog niet met zijn allen gedaan. We rijden via bocht 6 naar beneden en we zien dat de vlaggen nog in bocht 8 hangen. Lies heeft een nagelschaartje bij zich en de mannen gaan proberen ze naar beneden te halen, maar dat blijkt helaas niet mogelijk te zijn. Te hoog, dus nog even afwachten. Marije maakt nog wel even wat mooie foto’s van de vlaggen. We rijden dus naar beneden. Wat drinken op het terras bij de banketbakker, daarna even naar de mevrouw met de mooie sieraden met stenen en parels. Marije heeft vorige week een prachtige ring gezien met een facet geslepen steen, die gaat om haar vinger J. René koopt nog wat kleine souvenirs, net als alle anderen. Daarna rijden we naar boven. Eerst even de kaarsjes zoeken die we neer hebben laten zetten, kunnen we ze weer mee nemen naar huis en geven voor wie ze daar stonden. Daarna toch nog even naar de winkel om de restjes van de merchandise te bekijken. We nemen nog wat kadootjes mee. Ik zie Esther van Winden van Alpe d’HuZus staan en moet haar even een knuffel geven. We kletsen een tijdje, wat een lieverd is het toch. Frank haar man heeft dit jaar de regie over de receptie, wat een berenklus. Ik heb hem nog helemaal niet gezien. Straks maar eventjes langs J. We willen eigenlijk nog wel even wat eten en het liefst friet met mayonaise. In het straatje van het hotel van Hellen en Jack is een snackbar en daar bestellen we 8 friet. Het is er lekker druk, één van de weinige eetgelegenheden die nog open is, dus we hebben een redelijke wachttijd, maar dat hebben we er graag voor over. Ondertussen gaat er een leuke cadeauwinkel open en daar gaan Marije en ik even kijken. We zien daar een hele leuke mok met engelvleugels als oor en we besluiten om deze aan Lies kado te geven. Ik neem voor mezelf nog een prachtig grote Franse mok mee. Als we buiten komen, geven we het kadootje meteen aan Lies, ze vindt hem prachtig! Niet lang daarna komen de mannen met de friet naar buiten en kunnen we ons daar lekker aan tegoed doen. Naast de snackbar is ook nog een winkel met mooie merken en omdat die net open gaat, gaan we daar ook nog even naar binnen. Wel mooie spullen, maar ook nog akelig duur, dus zonder tasje naar buiten J. We zijn bijna weer bij het Palais des Sports en Lies en ik gaan even kijken of de vlaggen misschien inmiddels gearriveerd zijn. En jawel hoor, na even wat zoekwerk, hebben we ze alle vier gevonden. Weer een vinkje op ons to-do lijstje. Daarna lopen we weer naar boven en ik zie dat Frank bij de receptie staat. Esther staat achter hem en we geven elkaar een dikke kus, even kletsen en daarna zijn we weer weg. Goed om hem ook nog even te spreken. We hebben Jeroen ook nog eventjes gesproken en hij is vanavond niet op het feest. Dus ook van hem even afscheid nemen. Op mijn weg naar buiten kom ik ook Armand nog even tegen. Hem nog even bedanken voor alles wat hij gedaan heeft. Nog een dikke knuffel, want hij heeft nog een bespreking binnen. Wat een kanjer J. Ondertussen wordt het voor ons ook tijd om thuis nog even wat te eten. Lekker wat brood met aïoli en dergelijke als voorafje en een heerlijk glas champagne. Dat kan ik altijd wel drinken, zonder dat er reden voor is. Na het eten, knappen we ons eventjes een beetje op en gaan we weer naar het Palais des Sports voor het eindfeest. We staan lekker achteraan en kunnen het goed volgen. Het is wel weer lekker warm, zoals altijd. Iedereen levert zoveel mogelijk muntjes in en we hebben al veel blikjes cola en sinas. Alle vrijwilligers worden bedankt, staan op het podium en Margriet Eshuijs en Maarten Peeters zingen het Alpe d’HuZeslied. We zingen luidkeels mee en er vloeien weer vele tranen. Ik sta heerlijk dicht tegen John aan, mooi om dit weer zo mee te mogen maken. Na het lied, treedt de band Silly-Putty op, die de hele dag naast ons heeft staan spelen. Geweldig. Ik heb nog zoveel muntjes over, dat ik op zoek ga naar iets anders te drinken, rode wijn of zoiets. Maar als ik bij de bar kom zie ik dat ze ook Prosecco hebben. Daar neem ik twee flessen van mee, maar moet wel even geduld hebben, want de kurkentrekker is zoek. Ik laat één fles open maken en loop terug. De anderen zijn al lekker aan het hossen en ik geef Lies de fles, die schut een paar keer en de champagne spuit er uit. Een grote slok en ze geeft de fles door. We vieren een klein feestje en een meneer maakt eventjes een foto van ons allemaal. Wat een pret, wat een opluchting en wat heerlijk dat alles zo goed is gegaan. Wat een heerlijk feest. We lachen en dansen, dat het een lieve lust is. Maar om half 11 is het toch tijd om op te breken. We drinken in het huis nog even wat en gaan daarna lekker slapen. Lies, Bernard, Roel en Marije, willen morgen niet al te laat vertrekken.

Zaterdagmorgen halen John en René voor de laatste keer brood bij de bakker. Bernard is er ook al heel vroeg uit en dekt de tafel. Zodra John en René er zijn eten we voor het laatst met zijn allen. Om half 9 zitten alle twee de auto’s vol en na veel knuffels en kussen, zien we de twee auto’s vertrekken. Wat een stilte. Wij ruimen alles even op en gaan daarna naar Bourg, nog even naar de markt om te kijken of er nog paarse knoflook is, die ik mee zou nemen voor Laura en ook voor Lies en Marije. Maar dat is op de hele markt niet te vinden. Dus ik neem alleen wat worstjes en kaas mee. Wat een heerlijke dingen hebben ze toch allemaal. We drinken, natuurlijk nog even wat op het terras bij de bakker en daarna gaan we weer terug naar huis. John en René willen nog één keer de Alpe beklimmen, dus we eten eerst nog even wat en daarna gaan de mannen op pad. Ik ga lekker even in een ligstoel zitten met een boek en een kop thee. Lekker hoor, dat heb ik de hele vakantie nog niet gedaan. Maar dat is dan ook meer uit nood geboren, ik mag nu even niet lopen en heb geen zin om te fietsen. Dus even op rust en genieten. Af en toe even een was in de wasmachine en in de droger, kunnen we mooi alle kleding schoon weer mee naar huis nemen, dat is ook lekker. Er steekt een raar windje op en ik ga alvast wat koffers inpakken. Dat ruimt al weer lekker op. De mannen komen terug en ze hebben lekker gefietst. Ik doe even een pizza in de oven, kunnen we die als voorgerecht eten. John belt even naar La Douce Montagne of we daar kunnen eten, maar daar kijken ze eerst naar Nederland tegen Denemarken en gaan daarna aan de barbecue. Niet echt ons ding, dus wij slaan even over. Dan rijden we gewoon naar Alpe d’Huez om te kijken wat daar open is. Niet veel, maar we vinden een restaurant in het straatje van Hellen en Jack en volgens mij is dat het restaurant waar zij ook gegeten hebben. We bestellen allemaal hetzelfde, een goed stuk vlees, met friet en groenten. René met pepersaus, John en ik zonder saus. Het is heerlijk. Voor mij teveel dus René mag de rest van mijn vlees opeten. John eet mijn frietjes op. Daarna rijden we terug naar huis. Bijna alles is al ingepakt, dus ik bel even bij Jan en Claartje aan om te vertellen dat wij morgen op tijd vertrekken. Jan vraagt of wij straks nog even wat komen drinken, ik sla over, ga op tijd naar bed, want ben vreselijk moe van de pillen die ik neem. Dat zijn verdomd goede slaappillen J. John belooft straks nog even met René een kop koffie te komen drinken, ik ga op tijd slapen. Zo gezegd zo gedaan en zodra mijn hoofd het kussen raakt, slaap ik al. Ik hoor John nog wel binnen komen, krijg nog even een kus en val weer in slaap. Wel lekker hoor.

Het enige nadeel is, dat ik ook weer op tijd wakker wordt. Weer net voor de wekker wakker, in plaats van om 5 uur ben ik om half 5 wakker. Dus toch er maar uit. Niet eten, wel even wat warm water mee en alles wat in de vriezer en koelkast ligt in de koeltas doen. De laatste dingen in de auto. Nog even kijken of we niets vergeten zijn en weg zijn we. Op weg naar beneden zien we nog één keer een hert lopen, hij springt zo de berm aan de linkerkant in. Het duurt niet lang of ik val weer in slaap en wordt om half 9 wakker. Dat is nog eens luxe. We stoppen even om te tanken, een theetje, koffie en croissants en chocoladebroodje. Zo ons ontbijt zit er weer in, we kunnen weer verder. En ik val weer heerlijk in slaap. Rond 11 uur word ik weer wakker en zitten we vlak voor Luxemburg. Rond 12 uur een broodje kopen en eten en weer terug in de auto. Nu even wat lezen op de Ipad, ik heb er thuis 5 boeken op gezet, maar niet één gelezen. In Limburg stoppen we nog een keertje voor een broodje. Ik neem hem mee in de auto om hem later op te eten. De mannen eten hem meteen op. Ik heb nog blikjes in de koeltas en die haal ik er uit. Na de sanitaire stop rijden we weer door en zijn om half 5 bij het huis van René. Zijn fiets en tassen er uit en ik krijg van de vader en moeder van René een heel lief bloemetje en bonbons. Lief hè. Na een knuffel rijden wij door naar ons eigen huis. De bus even op de oprit van de parkeergarage en ik neem alvast een heleboel tassen mee naar boven. Die zet ik binnen neer en daarna weer naar beneden. Daar staan al een heleboel tassen bij de lift en die neem ik in één keer mee naar boven. Op onze etage er uit gooien en weer naar beneden. Ik neem even het hondje mee naar beneden, zodat John daar de kratjes met etenswaren op kan vervoeren. Hè, hè de bus is leeg. Ik begin meteen met uitpakken, want als dat gebeurd is, dan ruimt dat al weer heerlijk op. Het duurt dan ook niet zo heel lang of alle tassen en koffers zijn leeg. Lekker hoor. Ik bel even mijn vader en moeder, dat we thuis zijn en bedank ze voor de mooie bloemen en de krant die er ligt. Heel lief, wat een boel teams hier uit de buurt deden er mee. John heeft eten besteld en dat is er al redelijk snel. Dus we eten samen eventjes wat en kijken nog even naar het voetbal. Daarna ga ik al redelijk snel naar bed. Been weer omhoog en het duurt niet al te lang of mijn lichtje gaat weer uit J.

Maandagmorgen zijn we toch op tijd weer wakker. Om 8 uur gaan we er uit. Ik ga alvast wat wassen draaien, ik heb Humphrey, onze fysio gebeld, of ik vandaag misschien even bij hem terecht kan. Humphrey belt rond 9 uur en ik kan om half 1 bij hem terecht. Dat is lekker, kan hij even kijken wat er precies aan de hand is en wat ik verder moet/mag doen. John brengt even de bus terug naar Athlon, eerst wat vlaaien halen en dan op weg. Ik was ook nog even de vlaggen van onze sponsoren. Wat zijn die vies geworden zeg. Die kunnen dus ook wel een wasbeurt gebruiken. Ik heb ook nog even twee broden in de oven gedaan, hebben we straks lekker vers brood. Later misschien even wat boodschappen doen en anders morgen. Op tijd naar Humphrey, we wachten even en er is iemand op de loopband aan het lopen. Humphrey komt er aan en we kletsen even over Alpe d’HuZes, John heeft voor de vriendin van Humphrey, Lida, gereden en ook tijdens zijn eerste klim nog even gebeld. Lida heeft John een sms’je gestuurd, maar die heeft hij niet ontvangen. Blijkt dat de dame die op de loopband liep, Lida is. Dus even aan elkaar voorstellen en John geeft Lida de kaars die wij voor haar in bocht 6 hebben laten branden tijdens Alpe d’HuZes. Zij vindt dit heel erg mooi en vertelt John dat hij een mooi plekje in haar huis krijgt. Ik loop ondertussen met Humphrey mee om naar mijn scheenbeen te laten kijken. Een ontsteking aan de pees van de musculus tibialis anterior is het verdict. Zorgen dat ik aan de diclofenac blijf en blijven smeren met de diclofenac crème. Hij maakt alles goed los en het voelt eigenlijk best goed. Een paar dagen geleden deed het al zeer als ik de crème er op smeerde en nu kan ik het losmaken goed hebben. Dus toch al verbetering. Ik mag voorlopig niet hardlopen, wel op de crosstrainer en fietsen, maar niet spinnen. Rustig aan dus, maar licht trainen. Dat ga ik doen. Vandaag nog niet, maar morgen. Ik maak een nieuwe afspraak voor volgende week maandag en John en ik rijden even naar de Huesmolen. Bij de drogist even kijken naar diclofenac, maar het is daar zo belachelijk druk, dat we weer verder gaan. Even kijken of de opticien open is, maar helaas, niet dus. Rijden we lekker weer naar huis. Ik bel even naar de huisarts en vertel dat ik bij de fysio geweest ben en van de dokter van Alpe d’HuZes diclofenac heb gekregen. Ik krijg van haar hetzelfde voor geschreven en kan dat vanmiddag na 4 uur bij de apotheek ophalen. Thuis even nog wat eten en mijn been weer insmeren. Daarna rustig op de bank mijn verhaal schrijven, dat vergt wel wat tijd, de foto’s synchroniseren met Picasa, zodat iedereen de links kan krijgen en de laatste wassen in de wasmachine en in de droger. Ondertussen is het nu kwart voor 8, zit ik met mijn benen op de bank Frankrijk – Engeland te kijken, terwijl ik mijn stuk schrijf. Het laatste van deze Alpe d’HuZes. Ik zal jullie nog één keer schrijven, als we naar de cheque uitreiking zijn geweest op 7 oktober aanstaande. Dat duurt nog eventjes, dus dan heb ik vast wel weer meer leuke verhalen J.

Jullie horen weer van me!!!

Liefs,

Heidi

Geen opmerkingen:

Een reactie posten