Donderdagochtend, natuurlijk evengoed weer om 6 uur
wakker, mijn automatische klok werkt gewoon door. Even er uit, plassen en wat
water drinken en weer lekker terug in bed. Het is echt zo’n bed met van die
fluffy dekbedden en kussens. Daar verdwijn ik helemaal in, wat een luxe. Om 8
uur toch lekker uit bed, even onder de douche, haren weer in het gareel en naar
het ontbijt. Dit keer staat het buffet in de lobby opgesteld, waarschijnlijk
een boel mensen die komen ontbijten, dus is de ruimte in de eetzaal nodig en
staat het buffet in de lobby. Lekker aan tafel zitten, we krijgen jus d’orange
en bestellen koffie en thee. Daarna genieten van de lekkere broodjes en beleg.
Na het ontbijt wil John eigenlijk even een fietstocht doen en ik ga ook even
fietsen. Dus omkleden en even bedenken welke kleren er aangetrokken moeten
worden. Lange broek over mijn hadeoo fietsbroek en toch maar een regenjasje
aan. Het is nog best fris. Maar dat duurt natuurlijk niet lang, want zodra we
het hotel verlaten hebben gaat de weg al snel omhoog en de beklimming duurt een
aardig tijdje. Tot op de top van de Col de Rosier. Dit is wel een prachtig stuk
om hard te lopen. We laten de Rosier links liggen en dalen af via de klim die
ik twee jaar terug gedaan heb hier. We komen beneden en gaan linksaf richting
Roanne de Coo. Bij de voet van de beklimming neem ik afscheid van John. Ik ga hier
naar boven fietsen en John gaat natuurlijk nog een extra lusje doen. Het op
twee na kleinste verzet er op en gewoon rustig naar boven peddelen. Het is hier
heel rustig. Ik kom langs wat huizen en geniet van het heerlijke weer en de
rust. Er komen een paar auto’s uit tegenovergestelde richting en wat fietsers,
maar dat zijn er niet zo heel veel. In het dorpje Roanne, richting Moulin de
Ruy zie ik op de berghelling links ons hotel liggen. Wat een mooi gezicht. Heel
rustig fiets ik door. Niet buiten adem raken, gewoon rustig door fietsen. Ik
heb namelijk geen idee hoe lang de klim duurt en wanneer ik bij Ruy kom, waar
de klim naar van de Rosier begint. In Moulin de Ruy is er een splitsing, daar
hebben we het gisteren niet over gehad. Ik besluit links aan te houden,
hopelijk is dit de goede kant, want hij gaat wel lekker naar boven, nou ja,
anders moet ik afdalen en de andere kant op. Maar ik kom toch aan in Ruy. Hier
heb ik gisteren een plaatje van gezien op internet, dus hier begint de 4,5
kilometer lange klim. Hier is het meteen ook een stuk drukker met fietsers. Ze
komen me, natuurlijk, voorbij gefietst, maar iedereen zegt vriendelijk gedag.
Leuk hoor. Ik fiets heel rustig de haarspeldbochten door, het is best warm, het
zonnetje schijnt, genieten dus. Het is toch nog heel rustig en ik fiets hele
stukken alleen door een bos dat aan het ontluiken is. Allemaal van die mooie
lichtgroene bladeren, alles ruikt nog zo heerlijk fris. Ook nu heb ik geen idee
wanneer ik boven aan de klim zal zijn. Ik weet dat John 17 minuten over de klim
deed in Luik-Bastenaken-Luik, maar hoe lang zal ik er dan over doen? Ik heb
werkelijk geen idee. Niet 2x zo lang, zo’n 25 minuten schat ik. Nou dan kan ik
nog wel even door klimmen. Ik fiets door een dorpje en daar is het weer lekker
steil. Een groepje wielrenners komt me voorbij en groet me. Er zijn veel
renners met dezelfde kleding. Ziet er toch altijd leuk uit. Ik word ingehaald
door een echtpaar. De man zit heel rustig op zijn fiets, de vrouw gaat van de
ene naar de andere kant. Ik zit ook altijd heel stil, mijn benen doen het werk
en ik probeer zoveel mogelijk te genieten van alles om me heen. En op de één of
andere manier ben ik toch zomaar boven. Ik zie de groep wielrenners in de
blauwe tenues aan het eind van de beklimming staan. Zodra ik bij ze ben
beginnen ze te applaudisseren en roepen: “Klasse hoor”. Ik lach en bedank ze,
zal maar niet zeggen dat ik vorig jaar ook de Alpe op gereden ben J.
Leuk hoor zoveel enthousiasme. Ik hoef nu alleen nog maar af te dalen naar het
hotel. Niet vergeten links af te slaan naar Creppe, anders zit ik zo weer in
Spa en dan moet ik de hele beklimming van Spa naar Creppe weer doen. Dat doe ik
dus niet J.
De afslag naar Creppe en hier is de weg weer heel erg rustig. De andere weg
richting Spa is redelijk druk met auto’s. Het duurt niet lang of ik kan weer
linksaf slaan naar het hotel. Nog even een klein klimmetje en dan ben ik boven
op het plateau. Nu naar het hotel afdalen. Het landweggetje naar het hotel is
donker en er schiet een eekhoorntje voor mijn wiel langs. Lief…In de kamer, ga
ik lekker even op bed zitten, mijn voeten onder de dekens. Ik had al een tijdje
slaap in mijn linkervoet en nu is hij erg koud. Dus hopelijk warmt hij zo even
op. Nou niet dus, dus even het dekbed van John er ook nog bovenop. Eigenlijk
wil ik even gaan zwemmen, maar heb daar toch geen zin in. Dus blijf nog lekker
even liggen. Ik krijg een sms’je van John dat hij op de Wanneranval zit, in het
restaurant waar we twee weken geleden met z’n allen hebben gezeten, tijdens het
Alpe d’HuZes weekend. John heeft daar weer een tosti gegeten en koffie
gedronken en de mevrouw van het restaurant herkende hem ook nog. John gaat via
de Rosier weer terug naar Creppe. Dat duurt dus nog wel even. Ik ben toch op de
een of andere manier in slaap gevallen en ik zie dat de uitzending van de Giro
is begonnen op tv. Half 3 dus, dan zal het niet meer zo lang duren dat John
binnen komt. En ja hoor, een klop op de deur en hij is binnen. 4,5 uur op de
fiets gezeten. John wil nog even wat uitwandelen. Ik doe mijn joggingbroek aan
en een t-shirt met een trainingsjack en we wandelen even een stukje. Gezellig.
Het is nog heerlijk zonnig weer, dus als we weer terug zijn in het hotel, gaan
we even op het terras zitten. Daar zitten nog mensen te eten. We vragen of we
ook nog wat kunnen eten en voor gasten van het hotel maken ze nog een croque
monsieur. Nou dat lijkt me heerlijk en John ook. Met een heerlijk theetje en
John koffie. De tosti is wel een hele flinke. 5 broodjes, mijn hemel, dat is
echt veel tosti. Ik red dat dus niet en na 4 houd ik het voor gezien. Maar John
lust die van mij nog wel. Goede koolhydraten, goed voor de opbouw naar
zaterdag. Na de heerlijke tosti gaan we weer terug naar de kamer. Even nog mijn
benen omhoog leggen om te rusten en rond half 7 gaan we toch weer naar de bar.
Weer zo’n heerlijk glas en ik had gisteren al een beetje bedacht wat ik vandaag
wilde gaan eten. Vooraf asperges op Vlaamse wijze en daarna Simmentaler beef.
Lijkt me heerlijk. Verder geen wijn meer, even rustig aan J.
De asperges zijn heerlijk en een lust voor het oog op het bord. Het restaurant
is een stuk minder vol dan gisteren. Vandaag komt het hoofdgerecht een stuk
vroeger dan gisteren, en het ziet er echt prachtig uit. Een soort tuintje van
groente met een stukje vlees er bij. Heel mooi. Toch een heerlijk glas Bordeaux
uit 2003, genieten. We nemen nog wat thee en koffie na en daarna naar de kamer.
Ik masseer nog even John zijn rug. Hij heeft er toch nog wat last van, dus even
los maken. Ik had er al een beetje op gerekend en had al massageolie
meegenomen. Daarna gaat John nog even wat lezen en mijn ogen vallen al snel
dicht.
Evengoed om 6 uur wakker. De vogeltjes zingen hier ook al
volop, gezellig hoor. We blijven nog wel even liggen en ik spring weer even
onder de douche. Het leuke aan deze douche is dat het een thermostaatkraan is,
met een handdouche en een stortdouche. De ene kant gaat de handdouche aan en de
andere kant op de stortdouche. Maar die is altijd in het begin even koud en je
moet in de douchecabine staan om hem aan te zetten. Dus altijd even een
schrikmomentje met koud water en daarna is het heerlijk. Maar toch steeds
eventjes opletten J.
Daarna gaan we lekker met z’n tweetjes naar het ontbijt. Heerlijk rustig is het
nog. En het wordt ook niet erg druk. Vanochtend werden we wakker met regen en
tijdens het ontbijt trekt het helemaal open. Dat is heerlijk. John wil nog even
kijken waar de start van de Waalse Pijl is en na het ontbijt gaan we dus
eventjes met de auto naar Spa. We gaan eerst even wat boodschappen halen voor
zaterdag. We moesten nog wat tandpasta hebben, want dat was ik vergeten en voor
John wat Madeleines (goed fietsvoer) en bananen voor onderweg. Verder de hele
dag door goed eten, koolhydraten stapelen, zodat hij zaterdag de dag goed door
kan komen. Maar er zijn genoeg verzorgingsposten onderweg, waar de mannen
stroopkoeken, wafels, bananen en dergelijke kunnen pakken. Ze komen vast niet
om van de honger J.
De Delhaize is vlak bij de start van de Waalse Pijl dus na de boodschappen in
de auto gezet te hebben lopen we daar naar toe. Het is twee nummers verder en
echt maar 20 meter, dus dat weten we ook weer. Daarna rijden we even terug naar
het centrum, auto even parkeren en we lopen nog even een rondje. We gaan even
naar het winkeltje waar ze hele lekkere snoepjes met allerlei soorten
fruitsmaakjes verkopen. Ze zijn piramidevormig en onwijs lekker. Een halve kilo
gehaald en daarna lopen we even naar een heel klein koffietentje om een theetje
te drinken en voor John koffie met water. Buiten komen er steeds meer fietsers
voorbij. Het wordt al drukker J.
Ondertussen is het prachtig weer geworden en John wil nog een klein rondje
fietsen. Dus we gaan weer terug naar het hotel. John doet zijn fietskleren aan
en ik mijn hardloopkleren. Ik wil nog even een klein uurtje loslopen. Gewoon
heel rustig om de doorbloeding weer even op gang te brengen. John gaat op weg
voor een rondje van 2 uur en ik loop via de oprit naar het dorp, Creppe, ik kom
langs een huis waar een oma en haar kleindochter naar buiten komen. Ik zeg de
mevrouw gedag en zij zegt gedag terug met als toevoeging: “Bon courage”. Wat
zoveel betekent als veel geluk/moed. Lief hè. Ik loop rustig verder, langs het
caféetje bij de rotonde, waar morgen alle fietsers van de Waalse Pijl
langskomen en waar ik ga staan voor een foto momentje van de mannen. En ik loop
richting de manege. Een klein beetje dalend, maar niet veel. Daarna ga ik
rechtsaf en kom op de weg die naar de Rosier leidt. Dit stijgt wel, maar heel
geleidelijk. Als ik zo’n 35 minuten onderweg ben, keer ik om en loop weer
richting ons hotel. Nu heerlijk afdalen, tot vlakbij het hotel, waar er nog een
klein venijnig klimmetje in zit en daarna alleen maar vlak, want dan loop ik
weer boven op het plateau. In de kamer kleed ik me even om. Bikini aan, zwempak
en handdoek mee. Ik ga lekker even liggen en alvast een stukje schrijven. Ik
krijg het warm, het lijkt wel een subtropisch zwembad, dus ik ga eventjes
zwemmen. Even mijn badpak aantrekken, even onder douche, haren wassen en een
paar baantjes trekken. Zo dat is wel lekker. Jammer dat het bad zo klein is,
dus er moet veel gekeerd worden. Ik heb het hele bad voor mezelf, lekker rustig
dus. Aan de overkant ligt een mevrouw heerlijk te slapen en ik zwem nog een
paar baantjes. Daarna even in de stoomcabine. Dat is ook lekker. Daarna weer
onder de douche en even mijn droge bikini aan. Ik ga weer op het bedje liggen
en het duurt niet lang of ik zie John ons pand in gaan. Hij heeft geen sleutel
om de kamer in te komen, maar ik heb hem een mailtje gestuurd, dus hij zal zo
wel bellen. Voor de zekerheid pak ik mijn spullen bij elkaar en loop naar de
kamer. En ja hoor, daar staat hij. Ik vraag of hij niet gezien heeft dat ik bij
het zwembad zat. Nee, dat had hij nog niet gelezen. John heeft een lekker tochtje
gemaakt. Ik vertel dat ik een uurtje gelopen heb en dat het goed ging. John wil
graag nog een tosti eten en ik kleed me even om en doe wat aan mijn haren.
Daarna lopen we naar het hoofdgebouw en gaan even in de bar zitten. Even wat
drinken en we bestellen allebei een tosti. Het is helaas te koud om op het
terras te zitten, dus we blijven binnen. De tosti’s arriveren en zijn weer zo
heerlijk! Ik krijg hem niet helemaal op, dus eentje is voor John. We bestellen
nog iets te drinken en gaan daarna naar de kamer. John gaat even douchen en ik
kijk eventjes naar de Giro op de Belg. Altijd een heerlijk verslag van de
ritten. Ik kijk altijd graag naar de Belgen hiervoor. De NOS zendt trouwens de
hele Giro niet uit, heel raar, want het zijn eigenlijk veel mooiere etappes,
dan bij de Tour de France, tenminste vind ik. Even andere kleren aan en John en
ik gaan naar de lobby, we hebben een sms’je van René gehad, dat ze onderweg
zijn naar Spa en de wijn kan koud gezet worden. We bestellen dus even een
heerlijke Meursault. Heeft nog wel wat voeten in de aarde, want de eerste die
John besteld is er niet meer. Dus een andere, het is tenslotte één van de
wijnen die Bernard graag drinkt. Een grote fles water er bij en wat nootjes.
Voor mij een heerlijk glas bubbels. Lekker hoor. Nou de mannen kunnen het zeker
niet vinden, want we hadden gedacht dat ze er rond 5 uur wel zouden zijn, maar
niets is minder waar. Dus wij beginnen alvast J. Ik krijg een sms’je van René dat de mannen nog
ontbijt voor morgen moesten kopen en nu aan het afrekenen zijn, het duurt dus
nog even. Rond half 6 zie ik de bus geparkeerd worden op de parkeerplaats. Roel
belt John, waar ze naar toe moeten; nou gewoon naar de hoofdingang, kan toch
niet missen! Ik doe dus maar even de deur open en ja hoor, daar zijn de mannen.
Even gezellig in de lobby en de Meursault smaakt goed J. Rond half 7 rijden
René en ik alvast naar Sole di Capri in Spa. Bernard en John kijken nog even
naar de fiets van Roel, er schijnt iets te kraken en niet het lijf van Roel.
René parkeert de auto en we lopen naar het restaurant. Hier zijn we twee jaar
terug ook geweest. Na ongeveer een kwartiertje komen de andere mannen binnen en
nu moeten er natuurlijk koolhydraten gestapeld worden. Bij John weet ik het dan
altijd al. Pasta vooraf en pizza als hoofdgerecht. Dat doen Roel en Bernard
ook. René en ik nemen bruschetta vooraf, hopelijk is dat niet zo heel veel.
Gelukkig blijkt het een normaal portie te zijn en het is heerlijk. Na de pasta
komt de pizza en voor mij tagliatelle basilico. Het is allemaal even lekker. En
na dit alles geen toetje voor de mannen, behalve voor René, die lust nog wel
een portie Tiramisu J.
Voor Bernard en John espresso en voor Roel en mij niets. Om 9 uur rijden we
weer naar ons hotel. John legt alvast al zijn benodigdheden voor zaterdag, de
Waalse Pijl, klaar. Ik ga alvast heerlijk op mijn bedje liggen. Als John klaar
is masseer ik nog even zijn hamstrings. Even de spanning er van af halen,
hoewel ze eigenlijk heel goed aanvoelen. Daarna nog even kijken naar Dalziel en
Pascoe op de Belg en daarna heerlijk slapen, de wekker gaat al weer op tijd.
En wel om kwart over 5 gaat de wekker. We waren
natuurlijk al weer voor de wekker wakker, hoe is het mogelijk. Ik blijf nog
even heerlijk liggen, terwijl John zich klaar maakt. Ik kijk even naar de BBC,
waar live de start van de rondgang van de Olympische vlam op komt. Rond 5 over
6 gaat John op pad. Klaar voor de 220km tocht. Ik krijg om kwart over 6 een
sms’je dat de mannen er zijn en ze op pad kunnen. Ik ga nog lekker even slapen,
maar het lukt niet echt. Dus de tv aan laten en ik doezel toch nog even weg.
Wanneer ik wakker wordt zie ik dat de Olympische vlam net uit een helikopter
wordt gedragen en ontstoken aan de toorts. Schijnbaar gaat de vlam over 8000km
en 8000 lopers in 70 dagen. Dus dan beginnen de Olympische Spelen in Londen.
Ook weer leuk. Om half 9 ga ik mijn bed uit en maak me klaar voor een soort
generale repetitie voor de Alpe. Het zijn tenslotte nog maar 3 weekjes, dan is
alles al weer voorbij. Voor de zekerheid neem ik een jasje mee, maar doe hem
nog niet aan. Ik ga namelijk bijna meteen klimmen, dus dan word ik vanzelf
warm. Het is heerlijk weer. Zonnetje, niet te warm, dus ik heb niets te klagen.
Het is ongeveer 6 km naar de Col de Rosier, alleen maar klimmen, dus ik zal er
denk ik zo’n uurtje over doen. Gelukkig weet ik nu een beetje wat er komen
gaat, doordat ik het stuk van de week gefietst heb. Maar lopend is het toch
altijd weer anders. Ik loop heel rustig door. Het moet wel een duurloop
blijven, dus mijn hartslag moet zo laag mogelijk blijven. En het gaat goed. En
wat is het stil! Afgezien van de auto’s die af en toe voorbij razen, komt er
helemaal geen verkeer voorbij. En de stilte is bijna oorverdovend. Prachtig
hoor. Ik kom aan het einde van het weggetje en moet hier rechtsaf. Rustig
verder klimmen en het duurt nog wel even voordat ik bij het hoogste punt ben.
Deze weg is een stuk drukker en af en toe komt er een fietser naar beneden
gesuisd. En natuurlijk heel veel auto’s. Maar het is niet zo druk als gisteren,
maar het is ook nog vroeg. Er komt me een fietser voorbij gereden en ik ben al
bij het Museum, nog een klein stukje dus voordat ik bij de Rosier ben. Hier
hoor ik ineens een hard brommend geluid en komt me een Ferrari met een
bloedgang tegemoet rijden. Wel een mooi geluid hoor. Ik kijk op mijn horloge en
ik ben 40 minuten onderweg en sta al bijna bij de afslag waar ik linksaf de
Rosier afdaal. De fietser zie ik ook net afslaan naar links. Niet veel later
begin ik dus aan de afdaling. Heel erg rustig, want afdalen met de fiets daar
hoef je helemaal niet voor te doen, ja remmen, maar met lopen moet je toch echt
zorgen dat je niet te snel gaat, anders lopen je benen zo onder je vandaan. Ik
dus rustig aan en het is heerlijk om hier te lopen. Er komen een aantal
fietsers naar boven, maar nog allemaal zonder stuurbordje, dus geen deelnemers
aan de Waalse Pijl. Ik kom door het dorp Andrimont, hier is het al aardig warm,
de zon schijnt dan ook nog steeds. Ik weet nog dat het hier ook erg steil was,
dus even mijn snelheid wat terugschroeven en wat rustiger lopen. Ik zie een
Berner Senner in een klein slootje aan de kant staan en moet aan mijn
mondhygiëniste, Christa denken. Die ook zo’n hond heeft. Bij een boerderij komt
ook nog een Border Collie op me afgelopen. Ik negeer hem, dat leer je als je
naar de Dog Whisperer op National Geographic kijkt. En de hond geeft ook geen
aandacht meer aan mij. Ik krijg een klein beetje last van mijn knieën omdat ik
mezelf zo tegen moet houden tijdens de afdaling. Ik voel ook de aanhechting van
mijn buikspieren. Rustig doorlopen, het dorp uit, een stukje nog langs wat
weiland en in de bocht bij Chevrouheid, zitten een heleboel jongelui buiten
rond een heel groot vuur. Ik loop verder en kom op het kale stuk, waar het ook
weer steil is, maar bijna aan het einde van de afdaling. Daar zit ook de
fotograaf van Sportograf. En daar komt de eerste fietser van de Waalse Pijl ook
al aan. Jeetje, die is snel. Ik loop verder en de fietser zegt me gedag. Wel
leuk, want de fietsers die me voorbij komen, zeggen allemaal gedag, dat is
anders als je op de fiets zit. Gek hè. Nog een klein stukje door het bos en na
de volgende bocht kom ik in het dorp Ruy. Hier is het begin van de beklimming
van de Rosier. Ik sta eventjes stil. Even mijn knieën en bovenbenen een paar
minuutjes rust geven. Ik zie er echt niet naar uit hoor om aan de beklimming te
beginnen, maar ja, ik moet toch echt weer naar boven J. Na wat moed te hebben
verzameld, ga ik er aan beginnen. Het eerste stuk is rete steil. Nou ja, heb ik
dat maar gehad. Hartslag gaat natuurlijk meteen al weer aardig omhoog, maar nog
niet in het rood. Ik loop weer door het bos, jeetje nu hoor je nog beter hoe
stil het is. Er komen wel al wat meer fietsers voor bij op de weg naar boven,
leuk, heb ik tenminste wat te kijken J. Ik kom weer op het open stuk, waar de fotograaf
zit. Zou ze ook een foto van mij maken, vast niet. Dit is ook een heftig stuk
en nu kan ik voelen dat ik toch al meer dan 10km in mijn benen heb zitten.
Rustig aan, kleine pasjes, niet teveel in het rood. De haarspeldbocht door en
ik zeg de fotograaf even gedag en loop rustig door. Begin wel al wat te hijgen
en loop weer het bos in. Beneden in Ruy zag ik dat het dorp Andrimont op 4km
ligt, dus als ik daar ben, hoef ik niet zo heel erg ver meer. Het valt dus
eigenlijk allemaal best wel mee. Ik kom weer voorbij de bocht waar de jongelui
bij het grote vuur zitten. Heel rustig loop ik verder. Het lijkt allemaal wel
even steil J.
Een stukje rechtdoor langs de weilanden en zo kom ik toch weer in Andrimont
terecht. Was dat al 4 km? In het dorp is het ook heel erg steil, tenminste zo
voelt het. De Border Collie die op de heenweg op me afliep komt nu ook weer op
me afgesprongen en ik schrik toch een beetje, de Berner Senner, blaft één keer
en dan ben ik al weer een stuk verder. Heel rustig loop ik door het dorpje en
sta aan het einde er van heel even stil om mijn hartslag weer wat naar beneden
te krijgen. Nu volgt er weer een lang stuk door het bos. Lekker hoor, niet zo
warm. Het is ook nooit goed hè. Hier loopt de weg wat geleidelijker, dus niet
zo heel steil en volgens mij kan het niet meer zo lang duren of ik moet bij het
einde van de weg komen, waar de weg zich splitst. Aan de linkerkant het huis
dat te koop staat, dat weet ik nog van de heenweg en ja hoor, aan het einde van
de weg zie ik bordjes staan, daar is dus bijna het einde van de klim. Hij gaat
nog een beetje door als ik rechtsaf sla. Op de kruising staat een groep mannen
van Team Cello en één van de mannen roept iets naar me. Ik versta hem niet en
hij vraagt bij welke afdeling van de Nederlandse Bank ik werk. Hmmm, ik roep
dat ik niet bij de bank werk, maar voor Alpe d’HuZes loop. Een wielrenner, die
bij de Nederlandse Bank werkt en dan Alpe d’HuZes niet kent? Apart. Ik loop
weer verder en niet lang daarna voel ik dat de weg veel minder steil wordt en
ben ik op het hoogste punt. Nu lekker afdalen en wat nog leuker is, ik zou 200
minuten moeten lopen volgens mijn schema, maar zit nu nog maar op 120 minuten.
Nou dat wordt dus een extra lusje lopen. Het gaat nog steeds goed, maar ik kan
wel voelen dat mijn benen wat werk hebben moeten verrichten. Maar zo naar
beneden lopen gaat natuurlijk heerlijk en lekker snel. Voor ik het weet is er
al de afslag naar links naar Creppe. Ik krijg een sms’je. John die met de
mannen bij de eerste verzorgingspost is, half 12, goed hoor. Ik sms dat ik op
weg ben naar het hotel en waarschijnlijk nog wel een klein stukje extra moet
lopen. Ik loop lekker door, ook hier is het heerlijk rustig. Maar nu wel wat
meer fietsers van de Waalse Pijl. Ik besluit de route van de Waalse Pijl te
volgen en bij de splitsing waar het café zit, ga ik linksaf. Nu nog een stukje
afdalen en één stukje klimmen en dan ben ik er. Met 190 minuten op mijn klok en
23,5 km in de benen sta ik weer voor het hotel. Lekker hoor, ik heb trek in een
heerlijk glas koude cola. Ik loop onze hal binnen en volgens mij is er nog niet
schoongemaakt. En ja hoor, dat klopt, dus ik ga meteen even onder de douche, is
dat maar gebeurd en trek mijn badpak aan, bikini, ipad, handdoeken en telefoon
mee en ik ga naar de wellness. Lekker daar even liggen. Ik neem even een
colaatje mee, weliswaar in een plastic glas, maar daar ga ik heerlijk van
genieten. Ik ga in de serre op een bedje liggen. Heerlijk warm, goed voor mijn
vermoeide benen. Ik lees even een stukje en stuur mijn ouders even een sms’je
hoe het gegaan is. Rond 2 uur zal ik wel een sms’je krijgen, waar de mannen
zitten. Maar het is half 3 en de mannen hebben 195km in de benen. Tijd om te
eten en te drinken. Daarna nog de lastigste stukken. Ik sms dat ik heerlijk
binnen ben. Even relaxen en met een voldaan gevoel weer binnen ben. Ik lees
even een boek op de ipad. En na een tijdje vallen mijn ogen toch dicht.
Heerlijk hoor zo’n powernap, want binnen een kwartier ben ik weer wakker. Dat
had ik net even nodig. Lekker lezen, af en toe wat water halen en de benen wat
rust geven. Straks loop ik even naar het café toe om wat foto’s van de mannen
te maken, dat is ook weer goed voor mijn benen. Ik lees weer even verder en buiten
wordt een tafel gedekt voor de familie die bij ons in het gebouw woont, met 4
kinderen. Wat moet je nu met 4 kinderen in zo’n hotel, maar ja, waarschijnlijk
zijn zij niet anders gewend. Tosti’s voor de lunch zie ik. Ik kijk even of de
mevrouw van de kamers al geweest is en zie dat de voordeur van ons gebouw dicht
is, dus er is iemand binnen. Nog even wachten en dan ga ik naar boven. Om half
4 besluit ik even te gaan kijken en wat schets mijn verbazing, de kamer is
klaar, dus ik haal even mijn spullen op en ga lekker op de kamer zitten. Kan ik
ook nog een beetje de Giro volgen. Maar eerst zie ik dat er op de BBC triatlon
is, dus dat kijk ik eerst even, want in de Giro moeten ze nog 50km. Jonathan
Brownlee wint, dus Erik J.
Toevallig stond er vandaag op Facebook dat de broer van Erik stopt met
voetballen en de broers Brownlee hun borst nat konden maken, dus vandaar mijn
berichtje voor Erik J.
Daarna even Giro kijken, daar is het vies weer. Wat hebben wij het dan
getroffen deze dagen. Er was een heleboel vies weer voorspeld, maar dat hebben
we gelukkig niet gekregen. Het zit er wel aan te komen, voor vanavond, maar tot
nu toe is het helemaal lekker geweest. Hopen voor de mannen dat het gewoon
droog blijft tot ze binnen zijn. Rond half 6 kleed ik me alvast aan en ik loop
naar buiten. Het is nog zulk heerlijk weer. Ik loop richting het parcours waar
alle fietsers van de Waalse Pijl langskomen. Ik zie ze van verre al voorbij
fietsen. Wat een mooi gezicht. De fietsers, die met hun hoofden boven het
groene gras van de weilanden uitsteken, gehuld in alle kleuren van de
regenboog. Ik kom al dichterbij en het is aardig druk. Ik ga bij de manege
staan, daar heb ik een mooi uitzicht over het lager gelegen stuk, waar iedereen
uit het bos komt en heb ik genoeg tijd om een paar mooie plaatjes te schieten.
Ondertussen komen er steeds fietsers voorbij. De meesten knikken even of zeggen
gedag. Leuk. En wat een mooie fietsen komen er voorbij. Ik hoor de fietsers in
allerlei talen tegen elkaar praten en een paar vloeken er, omdat het kleine
klimmetje best nog wel vervelend is na de lange tocht. Om 10 over 6 krijg ik
een sms’je dat de mannen aan de klim van de Rosier zijn begonnen. Hoe lang
zullen ze er over doen, op de klim en de afdaling naar het dorp, waar ik nu
sta? Ik wacht gewoon af. Er komen nog steeds fietsers voorbij. Bij de manege
komt ineens een klein hondje naar buiten en deze rent, luid blaffend, achter de
fietsers aan. “Opzouten”, mompel ik hardop en een auto rijdt bijna over het
hondje heen. Pfff, die ontsnapt eventjes. Een paar meiden proberen de hond naar
binnen te krijgen, maar dat lukt ze niet en hij rent weer blaffend achter een
fietser aan. Oh, daar kun je zulke nare ongelukken van krijgen! Gelukkig komt
er een man aan en die roept de hond en zorgt dat hij naar binnen gaat. Gelukkig
zijn de mannen er nog niet J.
Maar niet al te lang daarna zie ik in de verte 4 rood/blauwe shirts, dat zouden
ze wel eens kunnen zijn. En ja hoor, ik hoor een boel lawaai, dus dat zijn ze!
Snel wat foto’s maken en de mannen komen met z’n vieren naast elkaar rijdend
naar me toe. Ik schiet een paar leuke plaatjes en zodra ze voorbij zijn, ga ik
weer terug naar het hotel. Nog even wachten tot John thuis komt. Hij sms’t om
kwart over 7 dat de mannen bij ons komen douchen. Even dus wat handdoeken klaar
leggen. Niet lang daarna zijn ze er. Ik loods Bernard en Roel even naar de
Wellness, daar zijn genoeg douches, dus kunnen de mannen lekker rustig douchen
en omkleden. René douchet bij ons. Het duurt niet lang of de mannen zijn weer
fris en fruitig en gaan op pad, weer terug naar huis. We zwaaien ze uit en
daarna gaat John nog even douchen. We rijden nog even naar Spa om te kijken of
er bij de Italiaan van gisteren nog een plekje is om te eten. En ja hoor, we
hebben geluk, er is nog één tafeltje vrij. John heeft moeite om eten naar
binnen te krijgen en had zin in een soepje, maar dat is er niet. Dus een blanke
pizza met kruiden en zout en ik hetzelfde als gisteren. Ik kan ook wel wat
gebruiken en eet mijn voorgerecht op en daarna wat pasta basilico. John krijgt
bijna niets naar binnen, dus we gaan lekker naar het hotel, slapen en we zien
het morgen wel weer. Om 10 uur liggen we prinsheerlijk in bed en slapen als
twee baby’s.
Zondagmorgen weer op de gewone tijd wakker. Rustig wakker
worden. John ziet er al wat beter uit. Hij heeft last gehad van de sportdrank
die hij gedronken had. Bij een verzorgingspost was het water allemaal op en
heeft hij dus iets anders moeten drinken. Dat valt meestal niet zo lekker op je
maag. Maar gelukkig heeft hij het gehaald en dan nu maar een heel goed ontbijt
er in stoppen. Ik ga lekker douchen en daarna gaan we naar de ontbijtzaal.
Lekker wat eten. John besteld nog even wat scrambled eggs en heeft in ieder
geval weer zijn eetlust terug. Goed herstellen dus. Ik heb gelukkig weinig last
van mijn benen. Een beetje in mijn bovenbenen, maar verder eigenlijk helemaal
nergens last van, gelukkig!!!
John heeft ook weinig last, we zijn toch al aardig
getraind J. Na
het ontbijt ga ik boven even alles in de koffers doen. Alle vieze was bij
elkaar en het schone goed in een andere koffer. Alles is toch weer snel
ingepakt, de fietsen staan al weer in de auto en we lopen samen naar de
receptie om af te rekenen. We hebben een paar heerlijke dagen gehad. Lekker
hoor! Om 10 uur rijden we richting Arnhem, naar Papendal, om de kick-off van
Alpe d’HuZes mee te maken en de kleding van Team HaDeOo op te halen. Ik heb al
een lijstje gemaakt van alle kleding die ik voor iedereen mee moet nemen, dus
dat moet goed komen. Ons teamnummer stond als 013001 op de site. Raar nummer,
maar ja, dat kijk ik daar nog wel even na. Als we bij Papendal arriveren, zien
we dat het al weer een stuk drukker is dan vorig jaar. De auto’s staan al bij
de ingang van het terrein aan alle kanten in het gras geparkeerd. De
verkeersregelaar adviseert ons om zodra we een plekje zien, onze auto te
parkeren. We vinden een plek, maar dan steken onze fietsen uit, op de weg. Dus
John parkeert de auto achteruit in de plek. Helemaal goed, staan de fietsen ook
een beetje uit het zicht J.
Mijn hemel, wat een drukte. We lopen naar het gebouw en de zaal waar de
kick-off plaats vindt, puilt bijna uit. En warm…John en ik lopen even naar een
terras. Eigenlijk willen we binnen blijven zitten, maar de man achter de bar
zegt dat hij zo bij ons buiten komt. Nou zo, moet nog gebeuren, er kwam
werkelijk niemand het terras op. Wat een slechte service. Dan komt er iemand
naar buiten, neemt de bestelling op van één tafel en gaat weer naar binnen,
zonder een tafel af te ruimen. Dus lopen we weer naar binnen. Het is al aardig
druk voor de trap naar beneden, waar de kleding opgehaald kan worden. En
klokslag één uur lopen we naar beneden. Eerst even kijken welk nummer we
hebben. Er liggen grote lijsten met de namen van de teams en raad eens: We
hebben teamnummer 13!!! Nou dat kan alleen maar geluk brengen op de Alpe.
Daarna even de kleding ophalen, daar is het rustig, terwijl de rij voor de Alpe
d’HuZes winkel steeds langer wordt. Niet te geloven, wat een rij. We gaan de
arm- en beenstukken maar weer proberen te bemachtigen in Frankrijk. John en ik
controleren of alle kleding er in zit. Alleen mijn loop shirts ontbreken, dat
is wel weer jammer, maar die worden nageleverd in Frankrijk, werd beloofd. Dat
hoop ik dan maar, anders trek ik het shirt van vorig jaar aan J. We
lopen naar boven en we gaan op zoek naar Coen van Veenendaal. Via de veiling
van Erwin heb ik op zijn boek geboden en hij gaat hem voor mij signeren. Vorig
jaar heb die van Peter Kapitein ook gekocht, dus deze moest ik natuurlijk ook
hebben J.
Ik zie Coen staan praten met een jongen en ik loop er naartoe. Even wachten en
dan stel ik me voor. De jongen die er bij staat, blijkt Bart Berkel te zijn,
iemand die ik volg via Twitter en die mijn naam herkent. Leuk is dat toch J.
Coen moet even op weg geholpen worden, maar ik zie dat hij het boek in zijn
hand heeft, dus hij heeft op mijn gerekend. John stelt zich ook even voor en
Coen vraagt of we voor het eerst mee doen? Ik vertel dat we sinds 2010 mee doen
en Coen pakt even een pen en schrijft in mijn boekje: “Samen grenzen verleggen,
er is niets mooier dan dat. Jij weet dat en ik wens je toe dat je velen mag
inspireren dat ook te doen.” Mooi hè. Ik bedank hem met een knuffel en we lopen
verder op zoek naar Margot, die ik ook via Twitter heb ontmoet. Maar ik zie
haar niet. Wel zie ik Armand verderop staan en we lopen even naar hem toe. Ik
vraag hoe de generale gisteren gegaan is en hij heeft lekker gelopen, wel een
zwaar parcours vertelde hij, dus hij had de 90km niet gehaald J.
Kom ik met mijn 23,5km maar daar ben ik ook trots op hoor. We praten nog even
hoe we de komende 2 weken moeten trainen. Rustig aan, af en toe 2x per dag,
maar heel rustig. Geen zware inspanningen meer. We nemen afscheid van Armand,
we zien elkaar op de Alpe. We lopen een rondje, nog steeds op zoek naar Margot,
maar helaas. Nog even beneden kijken of ze daar is en of de rij voor de winkel
al geslonken is maar nee hoor. We lopen naar buiten, naar de auto. Er staat al
een pittige file. Rustig aan dus. John sjouwt de zak met de kleding en ik loop
achter hem. Mazzel dat we de auto al gekeerd hebben, kunnen we er een stuk
makkelijker uit rijden. En het duurt ook niet lang of we zijn weer onderweg.
We rijden naar Purmerend, de eerste kleding bij Roel
afgeven. Even een thee en koffie drinken bij hem en Marije. Meteen even
bijkletsen en voor we het weten zijn we een uur verder. Dan door naar René en
John hangt zijn kleding aan de achterdeur. Maar hij is toch thuis en we zeggen
elkaar even gedag en daarna rijden we door naar Liesbeth en Bernard. Auto even
parkeren en we gaan naar binnen. Lekker gezellig kletsen onder het genot van
een theetje en lekkere hapjes. Daarna nog een heerlijke kop soep. Lekker hoor.
Rond een half 9 rijden we weer huiswaarts. We moeten de auto nog uitpakken. We
zetten even alles in de lift en ik sjouw alles naar binnen. Mooi laten staan,
dat zie ik morgen allemaal wel. Niet lang daarna gaan we lekker naar bed. Wat
een heerlijke dagen waren het en we zijn weer klaar voor een nieuwe week.
Kijken wat die ons weer gaat brengen!
Heel veel liefs, Heidi
Geen opmerkingen:
Een reactie posten