Vanmorgen op tijd wakker. Er moet ingepakt worden. De koffers staan al klaar, maar alles moet natuurlijk nog in de auto en het huis moet, op zijn Belgisch, nog even gekuist worden. Dus hup, bed uit en aan de gang. John zorgt er voor dat alles in de auto komt en ik ga als een razende roelant even aan de schoonmaak. De badkamer even nadrogen, het bed afhalen, vuilniszak er uit, even de vloer zuigen en dan dweilen, toiletten schoonmaken. Alles uit de koelkast in de tas en de andere houdbare etenswaren in het krat. Zo computer even afsluiten, nou ja even, 13 updates, nou da’s weer lekker. Even wachten dus, maar ja de computer past altijd overal tussen. Om kwart voor 9 staat alles in de auto. Fietsen er op en klaar. Wij er bij, gaan. Bij het ontbijt zijn best nog wel een boel mensen, dat valt nog mee. De mensen uit Assen en de meiden van gisteren zitten er al. Ook de hele gezellige meneer is er, maar hij zit gelukkig twee plaatsen verderop. Thee, koffie, broodje, eitje en klaar. Ik raak in gesprek met de mevrouw in Assen, die vertelt dat ze een burn-out heeft en dus heel rustig moet fietsen en wandelen. Nou dat valt in deze omgeving natuurlijk niet mee. Ze heeft een hele goede baan gehad als financieel adviseur, maar trok het gewoon niet meer. Nu opgezegd en ze gaat wel zien wat er gaat gebeuren. In Januari gaan ze met z’n tweetjes 10 weken fietsen in Thailand, dus dan moet ze wel weer een beetje belastbaar zijn. Zij en haar man zijn klaar met eten en gaan even buiten koffie drinken. Wij eten nog even door. Als we klaar zijn betalen we onze drankjes van de afgelopen 10 dagen. Iedereen even een hand geven en op pad. Nog een zwaai naar de mensen uit Assen en de meiden, daaaag Allemont, tot juni volgend jaar. We gaan via Vizille naar Sisteron. Vanaf Vizille is het dik mistig. We rijden echt van prachtig mooi weer naar regenachtig en mistig. Maar dat duurt niet al te lang, na 80km is de lucht weer strakblauw en loopt de temperatuur gestaag op van 18 naar 27,5 graad. Het is hier een stuk warmer. We nemen nog even een picknick/plaspauze voordat we op de plaats van bestemming zijn. Theetje, espresso, een stuk brood met kipfilet. Lekker hoor, we worden alleen geplaagd door een overvriendelijke wesp. Hij kruipt in het zakje met kaas en wil het liefst onze kipfilet opeten. Snel eten we alle op en na een plas gaan we verder. Wat een prachtig landschap. Overal druivenranken, heel veel olijvenbomen, perziken etc. Prachtig. Hele velden met lavendel, maar die zijn al geoogst, de druiven nog niet. Om half 2 staan we bij Villa Elaia voor de deur, maar ze gaan pas om 3 uur open. Dus…toch maar aanbellen en nee, de kamers zijn nog niet klaar en we mogen wel de koffers neerzetten (maar we zien daar toch maar van af, want dan staat de hele receptie vol J). Dus we gaan weer op pad, de Mont Ventoux op, natuurlijk. Eerst naar Malaucène, maar daar is het markt, dus daar kunnen we niet doorheen. Dus we rijden door naar Bédoin. Dan eerst maar via de andere kant “de Kale Berg” op. Een prachtige beklimming, maar mijn hemel, wat is dit lang!!! Niet te geloven en af en toe hele steile stukken. Maar wel heel mooi, door het bos, en aan het einde helemaal kaal, nou niet echt kaal, maar allemaal hele kleine brokken rots. 6 kilometer onder de top is een restaurant, daar gaan we even zitten. Ik een Cola Zero, John koffie en eindelijk…een crèpe met nutella. Wat een drukte hier, net een mierenhoop, overal zie je fietsers en alles loopt, fietst, rijdt door elkaar. Hier komen nl. de afdaling vanuit Malaucène en Sault en de beklimming vanuit Bédoin, dus bij elkaar. Na het drinken en eten, stijgen we door naar de top, langs het monument voor Tom Simpson, allemaal bidons, briefjes en dergelijke liggen en staan daar, daar ga ik vrijdag even naar toe lopen, ik heb dan toch voldoende tijd. Verderop is het een chaos met auto’s, dus we rijden maar meteen door naar Malaucène. Prachtige afdaling, dus een heftige beklimming, heel erg mooi. Wat een prachtige vergezichten, echt heel erg mooi. In Malaucène kijken we of we het Ven2 4Cancer dorp zien, maar we weten eigenlijk niet precies waar het is, dus we rijden door naar Villa Elaia, kijken of we nu wel welkom zijn. En ja hoor, we mogen naar binnen. Krijgen uitgebreide uitleg van de heer des huizes. Daarna zetten we even al onze bagage binnen, ik ruim even de kast in en daarna lopen we nog even naar het dorpje. Een prachtige wandeling, je waant je op het platteland, 50 jaar terug. We lopen tussen de wijnranken, die nog vol hangen met rode druiven en alle mooie olijvenbomen. Aan de kant van de weg zie je ook gewoon rozemarijn en tijm staan, heerlijk hoor. Zo maar dit soort kruiden in de wegkant. We komen bij een doorgaande weg en aan de overkant is de kerk. Even hier naartoe, maar ja, helaas, de kerk is op slot. Het valt trouwens wel op dat hier overal bordjes van beveiliging staan. Chubb, is hier je beste vriend schijnbaar, dus er zal hier af en toe toch wel verkeerd volk rondlopen. Dat is nu weer een tegenvaller. In het dorpje wordt net een markt opgebouwd 4 kraampjes, eentje met heerlijke groenten en fruit, een andere met allerlei heerlijk zelfgemaakte jams en twee verrassingskraampjes, want die zijn nog niet open. We gaan even aan een tafeltje zitten bij een bar, die uit de eerste wereldoorlog lijkt te stammen. Prachtig. Hier eens even rustig alles met z’n tweetjes bekijken onder het genot van een pepsitje. Er komen allerlei mensen van divers pluimage voorbij. Leuk hoor, met van die grote zonnehoeden, van die hele oude vrouwtjes en ook een stel met een Alfa spider cabrio. Iedereen zegt de man van de bar waar wij zitten gedag. Eén van de caravans is ook open gegaan, maar ik kan net niet zien wat deze verkoopt. Een man en vrouw lopen op de bar af, ik herken haar meteen, Sonja Barend, John zegt: Dat moeten wel Nederlanders zijn. Ook zij begroeten de man van de bar, dus zij wonen hier ongetwijfeld in de buurt. Zodra ze buiten gehoorsafstand zijn, vertel ik John dat het Sonja Barend is. Oh ja, zegt hij, dat zie ik nu, die is oud geworden. Maar ja, wel lekker leven hoor hier, als God in Frankrijk J. We lopen nog even langs de kraam die net open is gegaan, daar verkopen ze dus vlees. Via de andere kant lopen we weer terug. Bergweggetje weer omhoog, leuk hoor. Bij het hotelletje weer naar binnen en op bed even een kleine picknick. Broodje met kaas en boter met zout. Heerlijk. Theetje er bij en een espresso, voor John. Om half 8 moeten we weer klaar zijn voor het diner, dus even omkleden, geen zin om te douchen, dus dat doen we lekker niet, lekker stinken aan tafel J. Morgen weer! Oh ja, bijna vergeten. Zijn we halverwege onze reisdag, krijg ik een what’s app van Lies, haar leuco’s zijn gestegen naar 0,4! Geweldig nieuws, ze moeten namelijk 1 zijn om naar huis te mogen. Wat een goed nieuws hè. Fantastisch. Om 5 voor half 8 naar het diner. Een leuk jurkje aan, omslagdoek mee, je weet maar nooit. We zitten op de binnenplaats van het hotel, heel idyllisch. Prachtige omgeving en je zou zo denken dat je op één of andere mooie trouwlocatie zit. Bijna alle gasten zitten al aan tafel. Wij bestellen een fles rode wijn, hier uit de streek, beter kan natuurlijk niet. Even proberen hoe die is, nou ik kan jullie vertellen, heel erg lekker en hij is nog biologisch ook! Als amuse krijgen we een soort quiche. Erg lekker, lekker pittig. Als voorgerecht duif met foie gras (voor John zonder foie gras) en daarna lam met boontjes, het is echt heerlijk!!! Als toetje een appeltaartje met custard en cocos. Nou deze mevrouw kan zeker koken, lekker hoor. We zitten met z’n tweetjes echt te genieten. Nog een koffie en thee na en dan is het helemaal goed. Om 10 uur gaan we naar onze kamer en lekker slapen. Wat zullen we heerlijk slapen na deze dag! Tot morgen, heel veel liefs, Heidi
Geen opmerkingen:
Een reactie posten